De belangrijkste veranderingen voor jouw portemonnee in 2020:

Tanken
Benzine, diesel en LPG worden duurder in 2020. Benzine stijgt met meer dan 1 cent per liter, diesel met meer dan een halve cent per liter en LPG met iets meer dan een kwart cent per liter. Op 1 januari 2023 gaat de accijns op diesel opnieuw met 1 cent omhoog. Met de extra opbrengsten wil het kabinet de kosten betalen van maatregelen voor een beter klimaat.

Roken
Marlboro Red met 20 sigaretten kost op dit moment 7 euro. Per 1 januari komt hier 14 cent bij. Op 1 april komt daar nog eens een hele euro bij. De hoge accijnzen op sigaretten zijn onderdeel van het plan om in 2040 een generatie rookvrij te laten opgroeien. Het doel is de prijs te verhogen tot 10 euro in 2023.

Bijtelling elektrische leaseauto’s
De bijtelling voor elektrische leaseauto’s stijgt van 4 naar 8 procent, al hoeft er tot 2025 geen motorrijtuigenbelasting en aanschafbelasting betaald te worden voor een elektrische auto. Ondanks de verhoging blijft de bijtelling lager dan die voor benzine- of dieselauto’s.

Let op: Eigenaren van een oudere dieselauto betalen vanaf 1 januari 2020 een fijnstoftoeslag van 15 procent op de motorrijtuigenbelasting.

Belasting op aardgas geleidelijk hoger, energierekening omlaag
Zwaardere belasting voor wat vervuilender is voor het milieu: belasting op aardgas gaat omhoog, op elektriciteit omlaag. Voor huishoudens met een gemiddeld verbruik daalt het belastingdeel van de energierekening van huishoudens in 2020 met 100 euro.

Twee belastingschijven
Vanaf 2020 betaal je met een inkomen tot en met 68.507 euro 37,35 procent belasting over je inkomen. Voor het inkomen daarboven is dit 49,50 procent. De arbeidskorting en de algemene heffingskorting worden extra verhoogd. Hiermee gaat iemand met een inkomen van 25.000 euro per jaar er 375 euro op vooruit. Bij een inkomen van 45.000 euro per jaar is dit 640 euro en bij een inkomen van 65.000 euro per jaar is dit 680 euro. Het Ministerie van Financiën meldt dat de persoonlijke situatie en de ontwikkelingen van de economie uiteindelijk bepalen of iemand er op vooruit gaat of niet.

Eigen woning
In 2020 wordt de hypotheekrenteaftrek geleidelijk verder afgebouwd bij een inkomen van meer dan 68.507 euro. De aftrekbare kosten kunnen volgend jaar tegen maximaal 46 procent worden afgetrokken. Deze verlaging geldt ook voor andere aftrekposten bij een inkomen meer dan hierboven genoemd. Het eigenwoningforfaitpercentage daalt naar 0,60 procent voor woningen met een waarde tussen de 75.000 en 1090.000 euro.

Zelfstandigenaftrek
De zelfstandigenaftrek wordt de komende jaren in stappen teruggebracht tot 5000 euro. Dit houdt in dat per 1 januari 2020 de aftrek wordt verlaagd van 7280 naar 7030 euro.

Fiets van de zaak
Een fiets van de zaak wordt aantrekkelijker gemaakt door een versimpeling van de fiscale fietsregeling voor woon-werkverkeer. De werknemer hoeft dan niet zelf een fiets te kopen. De werkgever betaalt de fiets en meestal ook de kosten voor onderhoud en reparatie. Wel is er dan een bijtelling bij het salaris voor de werknemer. Uiteindelijk betaalt de werknemer hierdoor enkele euro’s per maand extra belasting.

Geboorteverlof
Vanaf 1 juli 2020 kunnen partners in het eerste half jaar na de geboorte van de baby vijf weken extra geboorteverlof krijgen. In deze periode hebben zij recht op een uitkering van maximaal 80 procent van het dagloon. Dit wordt betaald door het UWV.

Kindgebonden budget
Het kabinet trekt structureel bijna 500 miljoen euro meer uit voor het kindgebonden budget. Zo’n 320.000 gezinnen krijgen door deze verhoging bijna 1000 euro per jaar meer. Daarnaast krijgen bijna 300.000 meer gezinnen recht op dit budget. Deze gezinnen krijgen gemiddeld zo’n 600 euro per jaar.

Regeling ‘onwerkbaar weer’ voor werkgevers
Deze regeling geldt bij buitengewone natuurlijke omstandigheden en als aan de overige voorwaarden van de regeling is voldaan. Te denken valt aan vorst, sneeuw en overvloedige regenval. Na het verstrijken van een aantal wachtdagen, kan een werkgever worden vrijgesteld van de loondoorbetalingsplicht.

Kleinere verschillen tussen vast en flexwerk
Vanaf 1 januari 2020 gaat de Wab (Wet arbeidsmarkt in balans) in. Dit pakket maatregelen verkleint de verschillen tussen vast en flexwerk. Het wordt voor werkgevers hierdoor ook aantrekkelijker om mensen een vast contract aan te bieden, terwijl flexibel werk mogelijk blijft waar het werk dat vraagt.

Loonstrookje
Mensen met een uitkering vanuit de Participatiewet of een ANW-uitkering, gaan er op hun loonstrookje op vooruit doordat hun uitkering per 1 januari 2020 wordt geïndexeerd en doordat de algemene heffingskorting wordt verhoogd. Dit geldt ook voor mensen die rondkomen van alleen een AOW-uitkering.

Bron: AD

 

Eén reactie

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *